2.1.8 Programma 8 - Volkhuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing (VHROSV)

Structuurgegevens

Portefeuillehouder(s):
B. Smeets en R. de Boer

Verantwoordelijke afdelingshoofden:
J. Drummen (KCC), F. Geurts (ROG) en C. Blezer (TenH)

Het programma Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing (VHROSV) omvat de volgende taakvelden:

8.10 Ruimtelijke ordening
8.20 Grondexploitatie (niet-bedrijventerreinen)
8.30 Wonen en bouwen
Zoals de naam van het programma al aangeeft voeren we in dit programma alle taken en activiteiten uit die betrekking hebben op een zorgvuldige verdeling van de ruimte over de functies wonen, werken en recreëren etc. Ons ruimtelijk beleid en onze ambities die voortvloeien uit onze wijkontwikkelingsplannen worden uiteindelijk vastgelegd in bestemmingsplannen.

Programma-samenvatting

De komende jaren ligt het accent op de voorbereiding van de inwerkingtreding van de Omgevingswet, de uitvoering en actualisatie van de regionale en gemeentelijke Woonvisie en de Nota Samen Slim Sleutelen aan de stad 2.0, inclusief woningbouwprogramma. Samen vormen deze de basis voor de aanpak van de gevolgen van de demografische ontwikkeling van de gemeente voor de ruimtelijke structuur en het woningaanbod. Om doorstroming op de woningmarkt te creëren richten we ons de komende jaren op het verantwoord toevoegen van nultreden-woningen voor de groeiende groep senioren, maar  ook proberen wij andere doelgroepen te bedienen die op dit moment moeite hebben om een geschikte woning te vinden, zoals starters en huurders in het middensegment. Daarbij geldt dat we bij voorkeur bestaand vastgoed transformeren dan wel incourant vastgoed onttrekken en de vrijkomende locaties te herontwikkelen voor woningbouw. 

De door ons ingediende projecten voor de regiodeal —het “Buurtontwikkelplan Oud Nieuwenhagen en Op de Kamp” en “Lauradorp”— maken eveneens onderdeel uit van ons woningmarktprogramma, waarbij de transformatie in Oud Nieuwenhagen zich vooral richt op sloop, nieuwbouw en het inponden en renoveren/verduurzamen van kwetsbaar particulier bezit en in Lauradorp wordt gefocust op het toekomstbestendig maken van bestaande particuliere woningen.

Ruimtelijke ordening

Transformatie
Sinds vele jaren investeren wij in leefbaarheid en anticiperen wij op de demografische veranderingen in onze regio. Om richting te geven aan deze opgave is voor alle drie onze wijken een wijkontwikkelingsplan opgesteld, bestaande uit een analyse, een visie en een uitvoeringsprogramma. De uitvoeringsprogramma’s zijn geactualiseerd via de Nota Samen Slim Sleutelen aan de Stad en de Nota Samen Slim Sleutelen aan de Stad 2.0, inclusief woningmarktprogramma 2020-2025.

Voorgaande jaren waren er structurele kapitaallasten (incl. BTW) ter grootte van € 100 duizend in de begroting opgenomen voor het Transformatie Investeringsbudget. Rekening houdend met een afschrijvingstermijn van 35 jaar konden hiermee jaarlijks voor € 3,5 miljoen aan investeringen worden vlot getrokken. Dat maakte het mogelijk om te kunnen investeren in projecten in de openbare ruimte die verband houden met transformaties in de brede zin van het woord en passend binnen de ambities zoals vastgelegd in de bovengenoemde plannen. 

Daarbij kan primair worden gedacht aan het herinrichten van ruimte die ontstaat bij sloop of herstructurering, maar ook aan investeringen die bijdragen aan het toekomstbestendig maken van onze voorzieningen (m.n. door verbeteren bereikbaarheid, optimaliseren parkeermogelijkheden), het opwaarderen van de verblijfskwaliteit in bijvoorbeeld de centra, het vergroten van de belevingswaarde van onze buitengebieden, het aanpakken van ‘rotte plekken’ et cetera. Die kapitaallasten worden in 2023 beperkt tot € 28.500, waarmee € 1 miljoen investeringsruimte ontstaat. Dat biedt in 2023 voldoende ruimte voor geplande en gewenste investeringen.

Daarnaast beschikken wij over de Reserve Transformatie.  Door inzet van de Reserve Transformatie zijn de voorbije jaren forse subsidies binnengehaald van het Rijk (Regiodeal, Volkshuisvestingsfonds), de provincie (Kader Kwaliteit Limburgse Centra) en de Stadsregio Parkstad (totaal circa € 11 miljoen). Als gevolg van alle onttrekkingen en voorgenomen onttrekkingen daalt de Reserve Transformatie in 2023 tot € 700 duizend. Voorgesteld wordt om deze reserve in 2023 met € 500 duizend te voeden vanuit de algemene reserve. In de praktijk blijkt immers dat we i.h.k.v. transformatie op korte termijn vooral behoefte hebben aan exploitatiebudget bv. t.b.v. aankoop en sloop en vergroening.

In 2023 zullen wij uw raad een nieuwe, geactualiseerde of een aanvulling op de nota “Samen slim sleutelen aan de stad” voorleggen met daarin opgenomen concrete(re) doelen en bestedingen die t.l.v. van het transformatiebudget en het beschikbare jaarlijkse investeringskrediet komen, inbegrepen een inschatting van de benodigde middelen voor 2024, 2025 en 2026.

Implementatie Omgevingswet

De Omgevingswet wordt gezien als de grootste wetgevingsoperatie sinds de invoering van de Grondwet in 1848. In Landgraaf liggen we goed op schema als het gaat om de voorbereidingen die verband houden met de minimale invoeringsvereisten van de Omgevingswet. Naar verwachting voldoen we op het moment van invoering van de Omgevingswet op 1 januari 2023 aan de minimale eisen om te kunnen werken met de Omgevingswet; echter de implementatie van de Omgevingswet is daarmee nog niet afgerond. De implementatie van de Omgevingswet is een langjarige operatie die enerzijds bestaat uit organisatorische aspecten en anderzijds uit (juridisch) inhoudelijke aspecten. Er zijn en worden stevige stappen gezet om de belangrijkste zaken op organisatorisch en kennisgebied te regelen, zodat na de invoering binnen onze organisatie gewerkt kan worden met de Omgevingswet. Na de invoering van de Omgevingswet gaan implementatie en uitvoering van de Omgevingswet hand in hand. De belangrijkste minimale eisen om te kunnen werken met de Omgevingswet (na de invoering) concentreren zich in hoofdlijnen rondom het Vergunningen- en het Toezicht- en Handhavingsproces (VTH-proces) en de daarmee samenhangende digitale veranderingen. 

Op het moment dat de Omgevingswet in werking treedt zal ook de Wet Kwaliteitsborging (Wkb) in werking treden. De Wkb betekent een grote veranderingen in het toezicht en vergunningverlening bij bouwactiviteiten met als doelstelling strenger en meer bouwtoezicht en een betere aansprakelijkheidsregeling. De gemeente blijft verantwoordelijk voor het toezicht op de bestaande bouw en omgevingsveiligheid en blijft het bevoegd gezag. Het bouwtoezicht en de vergunningstoets ten opzichte van het Bouwbesluit, wordt bij de eenvoudigere bouwprojecten (gevolgklasse 1), neergelegd bij de private kwaliteitsborgers. De kosten van deze private kwaliteitsborger komt voor rekening van de aanvrager.

Na de invoering van de WKB geldt voor de bouwtechnische toets van bouwprojecten van gevolgklasse 1 alleen nog een meldingsplicht. In de huidige situatie is hiervoor nog een vergunning noodzakelijk. Hierdoor zullen er legeskosten gaan wegvallen. Wat dit voor de gemeente gaat betekenen daar lopen momenteel onderzoeken voor. Voor de welstand en planologie zal wel nog altijd een vergunning noodzakelijk zijn. Hierbij ligt de toetsing en het toezicht volledig bij de gemeente. Door de WKB krijg je ook verschuivingen van taakvelden. Bij vergunningverlening zal meer geïnvesteerd moeten worden in de participatie en vooroverleggen. Bij Toezicht en Handhaving zal meer nadruk komen te liggen bij de handhaving. Aangezien de private kwaliteitsborger voor rekening komt voor de aanvrager, de aanvrager een melding en eventueel ook een planologische vergunning moet gaan aanvragen kan dit het risico op illegale situaties vergroten.  

Na de invoering van de Omgevingswet krijgen we ook vanuit wettelijk oogpunt te maken met nieuwe wettelijke kerninstrumenten (prioriteiten) zoals het opstellen van een omgevingsvisie (opvolger structuurvisie), omgevingsprogramma’s, het omgevingsplan (opvolger van o.a. bestemmingsplannen) en de doorontwikkeling van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). Vaak is gesuggereerd dat de Omgevingswet zorgt voor minder regels en minder en meer gestroomlijnde vergunningprocedures. Op de lange termijn is dat een mogelijkheid (geen zekerheid), maar zo lang de gemeente geen omgevingsvisie, omgevingsprogramma’s en omgevingsplan heeft, is dat allerminst het geval. Ook de doorontwikkeling van het DSO en andere (gemeentelijke) digitale Omgevingswet-applicaties gaan nog veel vergen van de gemeentelijke organisatie. 

Gemeenten hebben (op basis van de Ow) ongeveer 8 jaar de tijd (en de plicht) om nieuwe (beleidsmatige) Omgevingswet-kerninstrumenten op te stellen zoals de omgevingsvisie, omgevingsprogramma’s en het omgevingsplan. Deze nieuwe Omgevingswet-kerninstrumenten wijken af van de huidige (beleidsmatige) instrumenten zoals de structuurvisie en het bestemmingsplan onder de huidige Wet Ruimtelijke Ordening. Dit heeft alles te maken met de veel bredere reikwijdte van de Ow, de decentralisatie van (rijks)regelgeving en de mogelijkheid en noodzaak van lokaal maatwerk.

Structuurvisie versus omgevingsvisie
De omgevingsvisie wordt het belangrijkste gemeentelijke instrument om keuzes vast te leggen over de fysieke leefomgeving. Een omgevingsvisie is breder dan een structuurvisie. Hij gaat niet alleen over ruimtelijke ordening, maar over de hele fysieke leefomgeving: bouwwerken, infrastructuur, water, bodem, lucht, landschap, natuur, cultuur en erfgoed. Ook sociaal-maatschappelijk actuele thema’s zoals duurzaamheid, gezondheid, veiligheid en klimaat zullen in de visie worden betrokken. Nieuw en onderscheidend in vergelijking met het huidige wettelijke takenpakket (op basis van huidige Wro-wetgeving) is dat er verbindingen moeten worden gelegd tussen fysieke en sociaal-maatschappelijke vraagstukken en na een belangenafweging integrale keuzes moeten worden gemaakt.

De omgevingsvisie is kortom veel breder en meer integraal dan de huidige structuurvisie. Bovendien gaat het niet om het vastleggen van een eindbeeld, maar om het faciliteren van een ontwikkelingsrichting en daarvoor de basis leggen en mogelijkheden creëren. De gemeenteraad stuurt met de omgevingsvisie op de lange termijn. Het gaat om de ontwikkeling, inrichting, het behoud en verbetering van de leefomgeving (in brede zin: zowel fysiek als vanuit sociaal-maatschappelijk opgaven bezien). De Omgevingswet geeft gemeenten daarbij meer afwegingsruimte voor lokaal maatwerk. Per (deel)gebied wordt bepaald wat de kwaliteit is, welke kwaliteit gewenst is en wat daarvoor moet gebeuren. De omgevingsvisie behoort tot de belangrijkste strategische documenten van een gemeente. Wat ook verandert is het proces van totstandkoming. Participatie is niet beperkt tot het indienen van een zienswijze. Inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties moeten vanaf het begin worden betrokken. Het gaat dus om een intensief maatschappelijk proces. Onderscheidend en vernieuwend wat participatie betreft in vergelijking met de huidige wettelijke systematiek (Wro) is dat er nu een duidelijke wettelijke plicht geldt m.b.t. de rol van participatie. De verantwoordelijkheden (taakverzwaring) op dit gebied nemen zowel vanuit de gemeentelijke kant als vanuit de kant van de burger/ondernemer toe.  In 2023 wordt gestart met de totstandkoming van de gemeentelijke omgevingsvisie. Vaststelling van de omgevingsvisie vindt naar verwachting eind 2024/begin 2025 plaats.

Bestemmingsplan versus Omgevingsplan
Het bestemmingsplan zorgde voor een goede ruimtelijke ordening, met redelijk gestandaardiseerde regels per bestemming en aanduidingen. Het omgevingsplan (juridische rechtsopvolger van het bestemmingsplan na invoering van de Ow) zorgt voor een evenwichtige toedeling van functies in het kader van de fysieke leefomgeving. Dat betekent ook dat veel andere, bijv. door het Rijk gedecentraliseerde regels en regels uit gemeentelijke verordeningen straks een plek krijgen in het omgevingsplan. Een andere belangrijke verandering is dat er minder regels op het gebied van milieu op Rijksniveau gesteld worden, waardoor we dit in het omgevingsplan moeten regelen. Ook hier zien we dus een veel breder bereik en de noodzaak om te zorgen voor lokaal maatwerk waarbij gebruik kan / moet worden gemaakt van de extra regelruimte die de gemeente krijgt. Het wordt daarbij de uitdaging om enerzijds te komen tot voldoende regels om een goed woon- en leefklimaat te borgen en er anderzijds voor te zorgen dat de regeldruk beperkt blijft. Het proces om tot een goed omgevingsplan te komen wordt om die reden wel veel intensiever en leidt de komende jaren dus tot extra inzet. Uw raad heeft in 2021 reeds budget beschikbaar gesteld voor structurele en tijdelijke uitbreiding van capaciteit, die wordt ingezet voor de implementatie van de Omgevingswet. Ook hier geldt weer dat inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties van het begin af aan intensief worden betrokken bij het participatieproces. Een omgevingsvisie is een strategisch instrument terwijl het omgevingsplan een tactisch instrument is ter concretisering van het beleid. 

Internationale Bau Ausstellung Parkstad Limburg (IBA)
Medio 2016 is door de Ava het uitvoeringsprogramma van IBA Parkstad vastgesteld. Het programma omvatte 50 IBA-kandidaat projecten. Vijf van deze projecten zijn ‘Landgraafse’ projecten: Wilhelminaberg, Slot Schaesberg, Surf en Leisurepark, Lauradorp en Kerkenplan Landgraaf. Bij drie van deze projecten (Wilhelminaberg, Lauradorp en Kerkenplan Landgraaf) is de gemeente Landgraaf aangewezen als projecteigenaar. Dit geldt ook voor het project Ikgroenhet, dat na een succesvolle pilot in Landgraaf een vervolg heeft gekregen in de gemeenten Landgraaf, Heerlen en Kerkrade. Deze projecten zijn opgeleverd.

En ofschoon de IBA Parkstad in 2022 officieel is geëindigd, zij er nog steeds IBA-projecten in uitvoering, zoals het project Leisure Lane. In 2023 wordt met de aanleg van de Leisure Lane in Landgraaf gestart. Ook de subsidieafwikkeling loopt nog enkele jaren door. Daarnaast wordt er in regionaal verband nagedacht over de betekenis van IBA Parkstad voor de regio, waarbij ook de vraag wordt gesteld wat wij hiervan kunnen meenemen naar de toekomst.

Grondexploitatie

Er is op dit moment één lopende grondexploitatie (Fresh Valley I); we verwachten dat in het kader van de uitvoering van de nota Samen Slim Sleutelen aan de Stad en/of de afspraken binnen de Regiodeal we nog meerdere grondexploitaties gaan opstarten. 

Wonen en bouwen

Wonen/volkshuisvesting

Op basis van diverse onderzoeken en ons eigen woonbehoefte-onderzoek uit 2019 stellen wij vast dat Landgraaf nog steeds een aantrekkelijke woongemeente is die zich in veel opzichten positief onderscheid ten opzichte van omliggende (stedelijke) gemeenten. Dat resulteert in een relatief laag leegstandspercentage, een hoge waardering voor woning en woonomgeving, een relatief hoge gemiddelde WOZ-waarde per m² en een relatief hoge ranking voor wat betreft de prestaties op de koopwoningmarkt.

De Landgraafse woningbouwopgave is vastgelegd in de in juni 2020 door de raad vastgestelde Nota Samen Slim Sleutelen aan de Stad 2.0, inclusief woningmarktprogramma. Dit programma voorziet in een forse woningbouwopgave op grond waarvan er de komende jaren zo’n 300 woningen in verschillende segmenten, worden toegevoegd. Bovendien is afgesproken om dit programma periodiek te monitoren, zodat eventueel bijgestuurd kan worden en kan worden aangesloten bij de vraag vanuit de markt.

Voor het bepalen van het woonbeleid en de woningbouwopgave wordt gebruik gemaakt van prognoses, met name van de huishoudens- en bevolkingsontwikkeling. Eerdere bevolkingsprognoses gingen steeds uit van een bevolkingsdaling. Op basis van Progneff 2021 is de huishoudensontwikkeling voor de regio echter minder negatief is (3.345) dan op grond van de Progneff 2017 (3.900). De laatste tijd komen er steeds meer signalen die van invloed (kunnen) zijn op de woningbouwproductie.

Zo zijn de binnen de regio Zuid-Limburg geldende woningmarktafspraken begin 2020 versoepeld met de vaststelling van de beleidsregel “Ruim baan voor goede woningbouwplannen”. Hiermee krijgen gemeenten meer mogelijkheden om goede woningbouwplannen toe te voegen, zonder dat deze plannen gecompenseerd hoeven te worden.

Daarnaast heeft de Stec groep eind 2021 - in opdracht van de Bestuurscommissie Wonen – in het kader van de actualisatie van de regionale woningmarktprogrammering - een update gedaan naar de kwalitatieve en kwantitatieve woningbehoefte. Voor deze update maakt Stec – naast de gebruikelijke bevolkings- en huishoudensprognoses (Progneff 2021) voor de periode 2022-2032 – ook gebruik van de binnenlandse- en buitenlandse migratiecijfers.

Zowel de binnenlandse als de buitenlandse migratie is sinds 2017 positief geweest. Als deze ontwikkeling zich ook de komende periode doorzet dan leidt dit op de korte termijn tot een verhoogde woningvraag. Voor Landgraaf geldt dat het aantal huishoudens op basis van het basisscenario de komende 10 jaar afneemt met 475, terwijl dit - op basis van het migratiescenario - minder sterk afneemt, namelijk met -5 huishoudens. 

Maar ook vanuit het Rijk zijn er in het kader van de Nationale woon- en bouwagenda initiatieven om snel meer woningen te bouwen teneinde het huidige landelijke woningtekort te verminderen. Tot en met 2030 moeten er landelijk 900.000 woningen bij. Daarbij moet de nieuwbouw aansluiten bij de woonwensen en woonbehoeften van woningzoekenden en streeft het rijk ernaar om tenminste twee derde van de nieuwbouwwoningen in het betaalbare segment te bouwen (zowel huur- als koopwoningen). Het Rijk maakt hierover prestatieafspraken met gemeenten. 

De ontwikkelingen sluiten dan ook goed aan bij het forse woningbouwprogramma dat de gemeente voor de komende jaren in de steigers heeft staan om zo’n 300 woningen toe te voegen. We monitoren deze ontwikkelingen, zodat tijdig ingespeeld kan worden op veranderingen. Ook onderzoeken wij de mogelijkheid om eigen inwoners voorrang te geven bij het vervullen van hun woonwensen.

In de geactualiseerde Nota Samen Slim Sleutelen aan de Stad 2.0 wordt ook aandacht geschonken aan enkele bijzondere woonvormen, zoals ‘tiny houses’, mantelzorgwoningen en woonwagenstandplaatsen. Tijdelijke of flex-woningen zijn nog niet in ons woningbouwprogramma opgenomen, maar deze woningen kunnen helpen om de huidige druk op de woningmarkt te verlichten; daarom zoeken wij actief naar mogelijkheden om deze woonvormen ook in Landgraaf te realiseren. Op grond van de Nationale woon- en bouwagenda is er bovendien aandacht voor de huisvesting van bijzondere (kwetsbare) doelgroepen. Zo moeten er voor woningzoekenden met een sociale of medische urgentie, uitstromers uit zorgvoorzieningen, statushouders, dak- en thuislozen, arbeidsmigranten, studenten en woonwagenbewoners, voldoende betaalbare woonruimten worden gerealiseerd.

In 2023 werken wij samen met corporaties en ontwikkelaars aan de volgende projecten:
1.    De realisering van fasen 3 en 4 van het project de Bousberg.
2.    De realisering van woon-/werkeenheden in het voormalige basisschoolgebouw en de naastgelegen apotheek op de hoek van de Stationsstraat/Hoofdstraat.
3.    De realisering van appartementen voor ouderen met een zorgvraag In de voormalige basisschool Bei de Ling.
4.    De bouw van een zorgcomplex op de hoek Emmastraat/Prins Bernhardstraat.
5.    Aankoop en sloop van incourant vastgoed langs de Hoogstraat met als doel de Hoogstraat te transformeren van winkelstraat naar woonstraat en waarbij tevens de mogelijkheid wordt gecreëerd om de Hoogstraat vanuit verkeersveiligheid anders in te richten.
6.    Planuitwerking en start bouw op de locatie Kloosterstraat 1 en 3.
7.    De nieuwbouw van 11 betaalbare koopwoningen op de locatie van de basisschool de Wendelwiek.
8.    De realisatie van een complex met zorgwoningen op de locatie van het voormalige kerkgebouw in het Eikske.
9.    De bouw van 8 grondgebonden koopwoningen in de aan de Reeweg gelegen kerk Abdissenbosch.
10.    De sloop van een gedateerde garage aan de Heerlenseweg en de bouw van 12 middeldure huurappartementen op deze locatie en in het naastgelegen kantoorpand.
11.    De invulling van de locatie Muziekschool met woningbouw, bestaande uit 11 koopappartementen en 6 grondgebonden koopwoningen.
12.    Daarnaast wordt medewerking verleend aan enkele particuliere initiatieven die nog niet in ons woningbouwprogramma zijn opgenomen.
13.    Planvorming en voorbereiding van overige plannen die zijn opgenomen in ons woningmarktprogramma, waarbij het tempo mede zal worden bepaald door o.a.: de snelheid waarmee locaties beschikbaar komen (aankoop en evt. sloop), de ontwikkeling van de bouwkosten en woningprijzen, conjuncturele ontwikkelingen, stikstofproblematiek en verplichtingen die voortvloeien uit ecologisch onderzoek.

Toelichting begrippen:

Doorstroommodel
Het doorstroommodel is een methode om de opgave in de woningmarkt te benaderen. Het is een dynamisch en vraaggestuurd model dat jaarlijks de vraag en het aanbod van woningen tegen elkaar afzet. De bestaande voorraad, de gewenste woonsituatie, het verhuisgedrag en demografische ontwikkelingen van verschillende doelgroepen in de Stadsregio Parkstad liggen hieraan ten grondslag. Deze doelgroepen worden ingedeeld op basis van leeftijd, huishoudenssamenstelling, inkomensklasse en leefstijl gekoppeld aan woonmilieu.
Het doorstroommodel is een theoretische benadering: het is een ideaalscenario op basis van verhuis- en woonwensen in de regio en volledige keuzevrijheid. De woningmarkt is een aanbodmarkt, waardoor huishoudens in de praktijk soms ander gedrag vertonen dan op basis van hun woonwensen verwacht wordt, bijvoorbeeld omdat gewenst aanbod ontbreekt of niet betaalbaar is. Daarom wordt de woningbehoefte niet alleen in beeld op basis van woonvoorkeuren, maar ook op basis van recent verhuisgedrag van doelgroepen. 

Basisscenario
Het ‘basisscenario’ bestaat uit de Progneff 2021 prognose. Periodiek wordt de bevolkings- en huishoudensprognose Progneff uitgevoerd. Progneff bevat gegevens over:

  • bevolkingsomvang
  • leeftijdsopbouw van de bevolking
  • huishoudensomvang naar leeftijd en huishoudenstype

Migratiescenario
Het ‘migratiescenario’ is een variatie hierop. In dit scenario gaan we uit van de actuele (hogere) migratie in de afgelopen vijf jaar, en veronderstellen dat deze trend de komende tien jaar door zal zetten. Hierdoor neemt de woningbehoefte in de regio en gemeenten de komende tien jaar minder sterk af. Alleen in de gemeente Simpelveld leidt dit scenario tot een lagere woningbehoefte.

Vergunningverlening
De uitvoering van vergunningverlening geschiedt voor meer dan 95% op afspraak en nagenoeg volledig binnen de wettelijk gestelde afdoeningstermijnen. 

Bouw- en Woningtoezicht
Het toezicht op en de handhaving van de openbare orde krijgt alle aandacht door inzet van bouw- en milieutoezicht en de inzet van de BOA's. De wijze waarop dit gebeurd, is  vastgelegd in het Integraal Toezicht- en Handhavingsbeleid 2020-2024 en het daarbij behorende jaarlijkse Integraal Toezicht- en Handhavingsprogramma.  In het programma houden we rekening met de uitgangspunten uit het door het college vastgestelde en aan de gemeenteraad ter kennis gebrachte beleid. Naast de reguliere controles op verleende omgevingsvergunningen bouwen vinden er ook specifieke controles plaats onder andere naar aanleiding van meldingen en klachten waarbij de prioritering ligt op brandveiligheid, constructieve veiligheid en gezondheid en daarnaast ook op het gebruik op basis van het bestemmingsplan.

Omgevingsanalyse

Kengetal historische ontwikkeling Bron 2018 2019 2020 2021
Aantal woningen – eigendom. Woonmonitor Etil 11.043 11.087 11.079 11.084
Aantal woningen – huur. Woonmonitor Etil 6.808 6.796 6.790 6.790
Leegstandspercentage. Woonmonitor Etil 2,60% 2,30% 2,30% 2,20%

Analyse historische ontwikkeling kengetallen

Het aantal wooneenheden is in de periode 2018-2020 min of meer gelijk gebleven. Het toevoegen van woningen was tot 2020 immers niet mogelijk zonder dat daar sloop tegenover stond. Vanaf 2020 is gestart met een nieuw woningbouwprogramma en de eerste woningbouwplannen worden in 2022 opgeleverd, waardoor het aanbod aan woningen weer toeneemt. Ook onze grootste corporatie zal naast transformatie van haar bestaande voorraad ook investeren in woningtoevoegingen. Bij het toevoegen van woningen richten we ons met name op de doelgroepen waarvoor het woningaanbod beperkt is en hopen daarmee de doorstroming op onze woningmarkt weer op gang te helpen. Het leegstandspercentage is de voorbije jaren gedaald tot 2,2%. Een leegstandspercentage van 2% is gebruikelijk voor een gezonde woningmarkt. 

Beleidsindicatoren BBV

Beleidsindicatoren (BBV) - info: waarstaatjegemeente.nl Bron 2018 2019 2020 2021
Gemiddelde WOZ-waarde in € 1.000. CBS 161 171 184 197
Aantal nieuwgebouwde woningen per 1.000 woningen. BAG 1,0 0,5 0,6 0,1
% Demografische druk. CBS 72,50% 74,00% 75,40% 76,60%
Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishoudens (in euro). Coelo 693 718 750 784
Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishoudens (in euro). Coelo 752 774 809 847

Beleidsindicatoren Bouw- en Woningtoezicht

Bouw- en Woningtoezicht 2018 2019 2020 2021
Aantal bouwcontroles. 200 250 217 285
Aantal behandelde meldingen, illegaal bouwen, gebruik en stookoverlast. * 90 81 106 138
Aantal waarschuwingsbrieven. ** 33 54 66 29
Vooraankondigingen Last onder Dwangsom. 8 6 12 12
* De stijging van het aantal meldingen in 2020 en 2021 is te verklaren door Corona. Mensen zaten veel thuis en kregen veel meer mee uit hun directe omgeving.
** Het lage cijfer van waarschuwingsbrieven in 2021 komt doordat veel meldingen geen illegale situatie bleken te zijn.

Beleidskader programma

Omschrijving Kader Actualiteit
Provinciaal
Beleidsnota ontgrondingen. 2009
Provinciaal Omgevingsplan Limburg. 2014
Provinciale Omgevingsverordening. 2016
Regionaal
Structuurvisie PSL. 2009
Herstructureringsvisie. 2009
Structuurvisiebesluit wonen en retail. 2011
Regionale Woonstrategie: “Kiezen voor Parkstad”. 2012
Intrekkingsbeleid omgevingsvergunningen. 2013
Regionale Woningmarktprogrammering. 2020
Afspraken kaders ruimtelijke beleidsthema’s Zuid-Limburg. 2016
Structuurvisie wonen Zuid-Limburg. 2016
Gemeentelijk
Bestemmingsplannen / beheersplannen. div.
Nota onrechtmatig grondgebruik. 2009
Nota Woonwagenbeleid. 2011
Structuurvisie. 2011
Wijkontwikkelingsplan Nieuwenhagen-Lichtenberg. 2012
Wijkontwikkelingsplan Ubach over Worms. 2013
Welstandsnota. 2013
Ontwikkelingskader Buitengebied. 2015
Wijkontwikkelingsplan Schaesberg. 2015
Bouwverordening. 2016
Groenstructuurplan. 2016
Structuurvisie Leegstand. 2016
Beleidsnota Archeologie. 2018
Verordening Geurhinder en Veehouderij. 2018
Integraal Toezicht- en Handhavingsbeleidsplan 2022 2020
Grondnota. 2020
Nota Samen Slim Sleutelen aan de Stad / woningmarktprogramma. 2020
Integraal Toezicht- en Handhavingsprogramma. 2023

Wat willen we bereiken?

Doelen
8.1 Versterking van de Landgraafse identiteit en van de ruimtelijke en economische structuur.
8.2 Behoud en versterking van de leefbaarheid in alle buurten en een op de behoefte afgestemd woningaanbod in een aantrekkelijke leefomgeving.
8.3 Betere naleving van wet- en regelgeving in het kader van bouwen en wonen en gebruik.

Score effectindicatoren

Score effectindicatoren 2017 2019 2021 Ambitie Termijn
Indicator (bron: Parkstad in cijfers *) L L L L L
8.2.1 Waardering algemene kwaliteit Woonomgeving (schaalscore). 7,6 7,6 * 8 2026
8.2.2 Woningwaardering (rapportcijfer). - - 8,2 8,5 2026
* Het burgeronderzoek vindt tweejaarlijks plaats. In het meest recente onderzoek in 2021 heeft deze vraag geen deel uitgemaakt van de enquête.

Wat gaan we daarvoor doen?

Nr. Activiteiten in 2023
8.1.1 Omgevingsplannen actualiseren.
8.1.2 Actueel houden van wijkontwikkelingsplannen.
8.1.3 Voeren van overige planologische procedures.
8.1.4 Opstellen en actualiseren beleidsplannen.
8.1.5 IBA Parkstad: uitvoering geven aan IBA-project Leisure Lane.
8.1.6 Implementeren Omgevingswet.
8.2.1 Uitvoeren projecten wijkontwikkelingsplannen en Nota Samen Slim Sleutelen aan de Stad 2.0, inclusief woningmarktprogramma 2020-2025.
8.2.2 Juridisch beheren van gemeentelijke eigendommen en uitvoeren nota onrechtmatig grondgebruik.
8.3.1 Uitvoeren van integraal toezicht op het gebied van bouwen en wonen en gebruik.
8.3.2 Het in behandeling nemen van verzoeken en meldingen en het verstrekken van producten en diensten (vergunningen) aan burgers.

Prestatie-indicatoren

Prestatie-indicatoren voor 2023 Norm
8.1.1.1 Regionaal afstemmingskader Omgevingswet is vastgesteld. 2023
8.1.1.2 De gemeentelijke omgevingsvisie is in voorbereiding. 2023
8.1.3.1 Vastgestelde en in voorbereiding zijnde bestemmingsplannen / omgevingsplannen / projectafwijkingsprocedures voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen worden verantwoord via rapportages. 2023
8.1.4.1 Uitvoering starterslening ‘wonen’: wordt verantwoord via rapportages. 2023
8.1.6.1 Implementatietraject Omgevingswet: uitvoering koersdocument: wordt verantwoord via rapportages. 2023
8.2.1.2 Aantal gerealiseerde woningen: wordt verantwoord via rapportages. 95
8.2.1.5 Uitvoering woningmarktprogramma 2020-2025 (verantwoording vindt plaats via rapportages en tijdens Raadsinformatieavond. 2023
8.2.2.1 Aantal onderzochte buurten, in het kader van onrechtmatig grondgebruik. 1
8.2.2.2 Aantal verkooprondes openbaar groen. 2
8.2.2.3 Aantal te beheren civiele overeenkomsten (persoonlijk- en zakelijk). 500
8.3.2.1 % afgehandelde vergunningaanvragen binnen de wettelijk gestelde termijn. > 95%

Wat mag het kosten?

Financiën programma 8

(x € 1.000)
2021 2022 2023 2024 2025 2026
Bestaand beleid
Totaal baten bestaand beleid 1.576 1.493 592 597 602 602
- Directe salarislasten 1.875 2.282 2.223 2.144 2.232 2.287
- Overige directe lasten 1.955 1.112 479 337 337 338
- Kapitaallasten 168 1.252 637 591 591 591
Totaal lasten bestaand beleid 3.998 4.645 3.339 3.072 3.160 3.216
Saldo bestaand beleid -2.422 -3.152 -2.746 -2.475 -2.558 -2.614
Nieuw beleid
Totaal baten nieuw beleid 0 0 0 0 0 0
- Directe salarislasten 0 0 0 0 0 0
- Overige directe lasten 0 0 0 0 0 0
- Kapitaallasten 0 19 0 63 63 63
Totaal lasten nieuw beleid 0 19 0 63 63 63
Saldo nieuw beleid 0 -19 0 -63 -63 -63
SALDO taakveld -2.422 -3.171 -2.746 -2.538 -2.621 -2.677
Investeringen 1.000

Toelichting financiën

In bijlage 2 van de programmabegroting worden de lasten en baten per taakveld weergegeven.

De volgende investering maken deel uit van dit programma (tussen haakjes bedragen inclusief BTW):
De investeringsuitgaven in 2023 van € 1 mln (€ 1.21 mln) totaal, betreft de volgende investering:

Uitbreidingsinvesteringen:
Taakveld 810 Transformatie investeringsbudget € 1. mln (€ 1,21 mln)

Wat zijn de risico’s?

We onderkennen geen majeure risico’s in dit programma.