3.3 Financiële positie

3.3.1 Financiële gevolgen bestaand beleid

In onderstaande tabellen worden de mutaties aangegeven in de lasten, baten en saldo van baten en lasten per programma tussen de meerjarenschijf 2023 zoals opgenomen in de begroting 2022 inbegrepen de doorwerking van besluitvorming in het 1e halfjaar van 2022 en de nieuwe in deze begroting te presenteren begroting 2023.

(x € 1.000)
Omschrijving 2023 oud Mutaties BATEN begroting 2023 nieuw
Bestaand beleid Nieuw beleid
0. Bestuur en ondersteuning 94.937 11.914 2.178 109.029
1. Veiligheid 254 73 0 327
2. Verkeer, vervoer en waterstaat 639 -10 0 629
3. Economie 131 1 0 132
4. Onderwijs 444 32 0 476
5. Sport, cultuur en recreatie 353 11 0 364
6. Sociaal domein 16.685 31 0 16.716
7. Volksgezondheid en milieu 9.853 274 0 10.127
8. Volkshuisv., RO en sted.vern. 598 -6 0 592
TOTAAL 123.894 12.320 2.178 138.392
Tabel: Baten begroting 2023 versus meerjarenschijf 2023 van de begroting 2022
(x € 1.000)
Omschrijving 2023 oud Mutaties LASTEN begroting 2023 nieuw
Bestaand beleid Nieuw beleid
0. Bestuur en ondersteuning 22.548 7.838 565 30.951
1. Veiligheid 3.982 182 313 4.477
2. Verkeer, vervoer en waterstaat 4.492 258 44 4.794
3. Economie 745 -18 80 807
4. Onderwijs 2.832 500 150 3.482
5. Sport, cultuur en recreatie 6.313 -117 983 7.179
6. Sociaal domein 69.944 2.001 920 72.865
7. Volksgezondheid en milieu 9.727 691 80 10.498
8. Volkshuisv., RO en sted.vern. 3.311 28 0 3.339
TOTAAL 123.894 11.363 3.135 138.392
Tabel: Lasten begroting 2023 versus meerjarenschijf 2023 van de begroting 2022
(x € 1.000)
Saldi van baten minus lasten 2023 2024 2025 2026
0. Bestuur en ondersteuning 5.689 2.145 2.768 7.028
1. Veiligheid -422 -479 -527 -614
2. Verkeer, vervoer en waterstaat -312 -384 -446 -520
3. Economie -61 -70 -79 -87
4. Onderwijs -618 -559 -483 -2.258
5. Sport, cultuur en recreatie -855 -457 -504 -546
6. Sociaal domein -2.890 1.063 1.305 -926
7. Volksgezondheid en milieu -497 -278 -266 -253
8. Volkshuisv., RO en sted.vern. -34 -131 -168 -224
TOTAAL baten minus lasten 0 850 1.600 1.600
Tabel: Mutaties in saldi van baten minus lasten per programma 2023 t/m 2026 in vergelijking tot de meerjarenschijven behorende bij de programmabegroting 2022
+ = saldo gunstiger - = saldo nadeliger

3.3.2 Overzicht geraamde incidentele baten en lasten

3.3.2 Overzicht geraamde incidentele lasten en baten

Voor het beoordelen van de financiële positie is het inzicht in de incidentele baten en lasten relevant.
Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties en de provincies hebben in het gemeenschappelijke financieel toezichtkader 2020 de begrippen “incidentele baten en lasten” nader aangegeven. In het Gemeenschappelijk Financieel Toezichtkader 2020 geven de provinciale toezichthouders een uitleg van deze begrippen. De aard van de begrotingspost is in eerste instantie bepalend of een post als structureel of incidenteel aangemerkt wordt. Incidentele baten en lasten betreffen die posten die het begrotingssaldo incidenteel beïnvloeden. Deze posten zijn tijdelijk c.q. hebben een eindig doel. Met andere woorden, er is een einddatum bekend. Drie of vier jaar opnemen van een raming is daarbij geen harde scheidslijn meer bij het bepalen of een begrotingspost structureel of incidenteel is. Wanneer de einddatum vier of vijf jaar ligt na het voor het eerst opnemen van een post, kan deze post nog steeds aangemerkt worden als incidenteel. Hoe verder de einddatum ligt na (het hulpmiddel van) drie jaar, hoe minder aannemelijk gemaakt kan worden dat er sprake is van een reële einddatum. Van een begrotingspost waarvan de einddatum over tien jaar ligt kan moeilijk aannemelijk gemaakt worden, dat deze post het begrotingssaldo incidenteel beïnvloedt. Waar de grens precies ligt is moeilijk aan te geven, aangezien het BBV geen scherpe definitie geeft wat structureel of incidenteel is. Het BBV laat ruimte aan de decentrale overheden omdat dit past bij de eigen beoordeling van de lokale omstandigheden. 

Medio 2021 hebben de toezichthouders van de twaalf provincies de handreiking verduidelijking structurele en incidentele baten en lasten gepubliceerd. Deze handreiking is bedoeld als een meer praktisch instrument om te bepalen hoe de baten en lasten moeten worden opgenomen in de begroting.
De wijzigingen in de BBV-regels van 2016 zijn gericht op een versterking van de transparantie van begroting en meerjarenraming. Relevant daarbij zijn de bepalingen dat voor zowel de (meer)jarenbegroting als de jaarrekening:
-    een overzicht van incidentele baten en lasten meerjarig per programma wordt gegeven en per programma ten minste de belangrijkste posten afzonderlijk worden gespecificeerd;
-    een overzicht van de structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves meerjarig wordt opgenomen.

(x € 1.000)
Omschrijving Lasten 2023 Baten 2023 Lasten 2024 Baten 2024
i s i s i S i s
0. Bestuur en ondersteuning 6.923 24.028 3.646 102.334 6.870 24.522 255 102.722
1. Veiligheid 6 4.471 0 327 0 4.579 0 311
2. Verkeer, vervoer en waterstaat 0 4.794 0 629 0 4.949 0 633
3. Economie 80 727 80 132 0 743 0 136
4. Onderwijs 0 3.482 150 476 0 2.984 94 193
5. Sport, cultuur en recreatie 0 7.179 518 364 0 6.821 18 346
6. Sociaal domein 1.131 71.734 1.416 16.716 760 72.248 1.081 21.278
7. Volksgezondheid en milieu 0 10.498 31 10.127 0 10.690 0 10.637
8. Volkshuisv., RO en sted.vern. 304 3.035 854 592 0 3.135 0 597
TOTAAL 8.444 129.948 6.695 131.697 7.630 130.671 1.448 136.853
Tabel: Overzicht incidentele en structurele lasten en baten per programma voor 2023 en 2024
(x € 1.000)
Omschrijving Lasten 2025 Baten 2025 Lasten 2026 Baten 2026
i s i s i s i s
0. Bestuur en ondersteuning 7.153 26.118 1 106.187 53 25.770 634 101.719
1. Veiligheid 0 4.678 0 294 0 4.765 0 294
2. Verkeer, vervoer en waterstaat 0 5.052 0 634 0 5.126 0 634
3. Economie 0 760 0 139 0 771 0 141
4. Onderwijs 0 2.909 0 193 646 4.037 646 193
5. Sport, cultuur en recreatie 0 6.916 0 349 0 6.958 0 349
6. Sociaal domein 0 71.449 46 19.846 0 72.311 46 18.478
7. Volksgezondheid en milieu 0 10.932 0 10.899 0 11.112 0 11.092
8. Volkshuisv., RO en sted.vern. 0 3.223 0 602 0 3.279 0 602
TOTAAL 7.153 132.037 47 139.143 699 134.129 1.326 133.502
Tabel: Overzicht incidentele en structurele lasten en baten per programma voor 2025 en 2026
(x € 1.000)
Omschrijving 2023 2024 2025 2026
Resultaat begrotingsjaar 0 0 0 0
Correctie eenmalige baten (-) -6.695 -1.448 -47 -1.326
Correctie eenmalige lasten (+) 8.444 7.630 7.153 699
Gecorrigeerd saldo (structurele ruimte) 1.749 6.182 7.106 -627
Tabel: Overzicht structurele meerjarensaldi

Specificatie incidentele lasten en baten per programma 2023-2026

In navolgende tabel worden meerjarig de incidentele baten per programma gespecificeerd:

(x € 1.000)
Programma Omschrijving incidentele baten 2023 2024 2025 2026 Toelichting
0 Aanwending algemene reserve 176 6 1 Betreft de dekking ten laste van de algemene reserve van de volgende ruimtevragen: begroting 2022 RVC expl. 11 - tijdelijke uitbreiding Services Fac. Bedrijf (€ 36 duizend); begroting 2022 RVC expl. 18 - tijdelijke uitbreiding Communicatie (€ 105 duizend); begroting 2023 RVC expl. 17 - digitaliseren raadsproces (€ 30 duizend) ; Daarnaast wordt het afronden van de begrotingsaldi verrekend met de algemene reserve.
0 Aanwending egalisatiereserve algemene uitkering 3.470 249 634 De aanwendingen van de egalisatiereserve algemene uitkering geschieden om het budgettaire effect van de algemene uitkering te egaliseren. De schommelingen in de algemene uitkering worden opgevangen.
3 Aanwending algemene reserve 80 Betreft de dekking ten laste van de algemene reserve van de ruimtevraag college expl. 02 van de begroting 2022 - werkbudget vrijetijdseconomie.
4 Aanwending algemene reserve 646 Betreft de dekking ten laste van de algemene reserve van de extra afschrijving van de resterende boekwaarde van de investeringen van het oude Eijkhagencollege van in totaal € 646 duizend.
4 Aanwending algemene reserve 150 94 Betreft de dekking ten laste van de algemene reserve van de ruimtevraag college expl. 13 - pilot naschools aanbod/rijke schooldag.
5 Aanwending algemene reserve 500 Betreft de dekking ten laste van de algemene reserve van de ruimtevraag college expl. 23 a/b - bijraming budget openbaar groen.
5 Aanwending algemene reserve 18 18 Betreft de dekking ten laste van de algemene reserve van de ruimtevraag college expl. 25 a - revitaliseren kermissen.
Programma Omschrijving incidentele baten 2023 2024 2025 2026 Toelichting
6 Aanwending reserve verbinden en samenwerken 80 69 Betreft de dekking ten laste van de reserve verbinden en samenwerken van de incidentele lasten van de innovatieve projecten op het gebied van samenwerken binnen het sociaal domein.
6 Aanwenden reserve jeugdpreventieplan 316 58 Betreft de dekking ten laste van de reserve jeugd preventieplan van de incidentele lasten die in dat kader in 2023 en 2024 worden gemaakt.
6 Aanwending algemene reserve 400 400 Betreft de dekking ten laste van de algemene reserve van de ruimtevraag college expl. 04 - transformatieplan WMO.
6 Aanwending algemene reserve 233 233 Betreft de dekking ten laste van de algemene reserve van de ruimtevragen college expl. 11 en 12 - verhoging subsidie aan Welsun i.v.m. tijdelijke uitbreiding formatie buurtopbouwwerk en ouderenwerk.
6 Aanwending algemene reserve 275 275 Betreft de dekking ten laste van de algemene reserve van de ruimtevraag college expl. 21 - aanpak arbeidsmarkt met meer arrangementen met loonkostensubsidie.
6 Aanwending algemene reserve 71 Betreft de dekking ten laste van de algemene reserve van de ruimtevraag college expl. 10 van de begroting 2022 - tijdelijke uitbreiding capaciteit participatiecoach.
6 Aanwending reserve Gezond In De Stad 46 46 46 Betreft de inzet van de reserve Gezond In De Stad ter dekking van de in dat kader meerjarig begrote lasten.
6 Aanwending algemene reserve 41 Betreft de dekking ten laste van de algemene reserve van de ruimtevraag raad expl. 07 - kleinschalige voorziening in Nieuwenhagen voor de jeugd.
7 Aanwending algemene reserve 31 Betreft de dekking ten laste van de algemene reserve van de ruimtevraag college expl. 06 - Centering zwangerschap
8 Aanwending reserve Transformatie 354 Betreft de dekking ten laste van de reserve Transformatie van de tijdelijke uitbreiding van de capaciteit ROG en KCC (ruimtevraag college 17 van de begroting 2022).
8 Aanwending algemene reserve 500 Betreft de dekking ten laste van de algemene reserve van de ruimtevraag college expl. 25 b - additioneel voeden reserve Transformatie
Totaal 8.718 3.472 2.072 3.352
Tabel: Overzicht incidentele baten
Op grond van de BBV-voorschriften vinden de ramingen en boekingen van mutaties in reserves allemaal plaats via taakveld 010 en dus binnen programma 0 Bestuur en ondersteuning. In bovenstaande tabel hebben wij voor de betreffende mutaties aangegeven in relatie tot welke lasten in welk programma deze onttrekkingen staan.

In navolgende tabel worden meerjarig de incidentele lasten per programma gespecificeerd:

(x € 1.000)
Programma Omschrijving incidentele lasten 2023 2024 2025 2026 Toelichting
0 Vaste storting ten laste van de exploitatie in de algemene reserve 750 750 750 Jaarlijks wordt ten laste van de exploitatie € 750 duizend in de algemene reserve gestort. Als gevolg van de in de jaren 2023 t/m 2025 begrote aanzienlijke incidentele stortingen in de algemene reserve, kan vanaf begrotingsjaar 2026 de vaste storting ten laste van de exploitatie vervallen.Gelet op de onvoorwaardelijke einddatum zijn de vaste stortingen in de jaren 2023 t/m 2025 als incidentele last te beschouwen.
0 Storting in de algemene reserve van een gedeelte van de budgettair positieve effecten van de mei-circualire 2022 2.500 4.500 De financiële effecten van de mei-circulaire 2022 omvatten naast een structureel positief effect voor de begroting van ruim € 10 mln. eveneens incidenteel in de algemene reserve te storten bedragen voor de jaren 2024 en 2025.
0 Storting in de algemene reserve van de positieve begrotingsaldi 5.450 3.562 1.850 Het uiteindelijk resterende batige incidentele deel van de begrotingsaldi 2023-2025 worden in de algemene reserve gestort. Het betreft incidentele stortingen.
0 Lasten in het kader van de Wet Open Overheid 52 52 53 53 Tegenover de via een decentralisatie-uitkering gedurende de jaren 2022-2026 te ontvangen incidentele middelen ramen wij de in dat kader te maken incidentele lasten (einddatum 2026) van circa € 52 duizend per jaar.
0 Additionele storting in reserve Transformatie 500 Dit betreft het besluit om in het kader van de ruimtevraag college exp. - 25 b éénmalig de reserve Transformatie extra te voeden met € 500 duizend. Deze reserve heeft als gevolg van de onttrekkingen van de afgelopen jaren en rekening houdend met de voorgenomen onttrekkingen een ontoereikend saldo om voor voldoende cofinanciering te kunnen zorgen voor eventuele nieuwe projecten (o.a. voor de Regiodeal 2.0). Het betreft een incidentele storting gelet op de onvoorwaardelijke einddatum van 2023.
0 Lasten communicatie 105 Betreft de in de meerjarenschijf 2023 behorende bij de begroting 2022 verwerkte incidentele lasten in het kader van de ruimtevraag college 18 begroting 2022 (tijdelijke uitbreiding formatie Communicatie). Deze lasten zijn in de begroting 2023 opgenomen en hebben het jaar 2023 als onvoorwaardelijke einddatum.
0 Lasten facilitair bedrijf 36 Betreft de in de meerjarenschijf 2023 behorende bij de begroting 2022 verwerkte incidentele lasten in het kader van de ruimtevraag college 11 begroting 2022 (tijdelijke uitbreiding formatie Services Facilitair Bedrijf). Deze lasten zijn in de begroting 2023 opgenomen en hebben het jaar 2023 als onvoorwaardelijke einddatum.
0 Kleine incidentele last programma 0 30 6 Betreft de begrote lasten die in het kader van het digitaliseren van het raadsproces (ruimtevraag college exp.-17).
Programma Omschrijving incidentele lasten 2023 2024 2025 2026 Toelichting
1 Kleine incidentele last programma 1 6 Betreft de eenmalige lasten (aanschaf kleding) in het kader van de ruimtevraag college exp.- 08.
3 Werkbudget vrijetijdseconomie 80 Betreft de in de meerjarenschijf 2023 behorende bij de begroting 2022 verwerkte incidentele lasten in het kader van de ruimtevraag college 02 begroting 2022. Deze lasten zijn in de begroting 2023 opgenomen en hebben het jaar 2023 als onvoorwaardelijke einddatum.
4 Extra afschrijving boekwaarde oude investeringen Eijkhagencollege 646 In verband met de nieuwbouw van het Eijkhagencollege worden in 2026 de restant boekwaarden van de oude school extra afgeschreven. Deze eenmalige lasten worden gedekt via aanwending van de algemene reserve
6 Verhoging subsidie aan Welsun 233 233 Betreft de incidentele verhoging van de subsidie aan Welsun in verband met de ruimtevragen college exp. - 11 en 12. Het betreft de tijdelijke uitbreiding van de formatie buurtopbouwwerk en ouderenwerk. De lasten zijn incidenteel, aangezien het jaar 2024 de onvoorwaardelijke einddatum is.
6 Lasten transformatieplan WMO 400 400 De lasten betreffen de herijking van de WMO-uitvoering met als doel te komen tot een transformatie om de stijgende kosten te beheersen en beroep op duurdere geïndiceerde zorg te verminderen. Gelet op het realiseren van een transformatie hebben de lasten een incidenteel karakter. Bovendien hebben de gebrote lasten een onvoorwaardelijke einddatum, zijnde 2024.
6 Lasten jeugd preventieplan 316 58 In het kader van het Jeugd Preventieplan heeft de raad gedurende 3 jaren € 600 duizend per jaar beschikbaar gesteld. Deze middelen zijn in de reserve Jeugd Preventieplan gestort. In 2023 wordt de restant reserve van € 374 duizend ingezet en worden voor dat totaalbedrag incidentele lasten in 2023 en 2024 geraamd. De in het kader van het Jeugd Preventieplan te maken lasten hebben een incidenteel karakter.
6 Lasten verbinden en samenwerken 80 69 Betreft de incidentele lasten van innovatieve projecten op het gebied van samenwerking binnen het sociaal domein. De reserve Stimulering verbinden en Samenwerken wordt ingezet ter dekking van deze lasten.
6 Lasten participatie 71 Betreft de in de meerjarenschijf 2023 behorende bij de begroting 2022 verwerkte incidentele lasten in het kader van de ruimtevraag college 10 begroting 2022 (tijdelijke uitbreiding capaciteit participatiecoach). Deze lasten zijn in de begroting 2023 opgenomen en hebben het jaar 2023 als onvoorwaardelijke einddatum.
6 Kleine incidentele last programma 6 31 Betreft de eenmalige lasten inzake de begeleiding van zwangeren (Centering Zwangerschap - RVC expl. 06). Om deze manier van werken te kunnen bekostigen wordt naar verwachting vanaf 2024 de tariefstelling voor de verloskundigenpraktijken geregeld. Om de aanpak te kunnen continueren moet voor 2023 een bijdrage in de kosten worden verstrekt.
8 Personele lasten Afdeling ROG en KCC 304 Betreft de in de meerjarenschijf 2023 behorende bij de begroting 2022 verwerkte incidentele lasten in het kader van de ruimtevraag college 17 begroting 2022 (tijdelijke uitbreiding capaciteit afdelingen ROG en KCC)). Deze lasten zijn in de begroting 2023 opgenomen en hebben het jaar 2023 als onvoorwaardelijke einddatum.
Totaal 10.467 9.654 9.178 2.725
Tabel: Overzicht incidentele lasten

Specificatie structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves 2023-2026

In navolgende tabel worden meerjarig per programma de structurele toevoegingen (stortingen) aan reserves aangegeven.

(x € 1.000)
Programma Structurele toevoeging aan reserve 2023 2024 2025 2026
0 Algemene reserve 36 36 36 36
0 Afschrijvingsreserve Emile Erensplein 137 137 137 137
0 Afschrijvingsreserve Burgerhoes 24 24 24 24
0 Egalisatiereserve algemene uitkering 221 961
1 Reserve evenementen 24 24 24 24
2 Onderhoudsreserve Binnenring 107 107 107 107
5 Monumenten 13 13 13 13
5 Reserve instandhouding religieus erfgoed 7 7 7 7
6 Algemene reserve 318 344 331 301
6 Algemene reserve 100 100
7 Reserve geldleningen Zonnepanelen project 1 19 17 15 13
7 Reserve geldleningen Duurzaam Klimaatfonds 1 20 19 19
8 Reserve Transformatie 80 80 80 80
8 Onderhoudsreserve af te stoten panden 43 43 43 43
8 Reserve onderhoud woonwagencentra 37 37 37 37
8 Reserve Transformatie
Totaal 846 1.110 1.934 941
Tabel: Structurele toevoegingen aan reserves

In navolgende tabel worden meerjarig per programma de structurele onttrekkingen aan reserves aangegeven.

(x € 1.000)
Programma Structurele onttrekking aan reserve 2023 2024 2025 2026
0 Egalisatiereserve compensatie wegvallend dividend Essent 133 133 133 133
1 Reserve evenementen 24 24 24 24
2 Onderhoudsreserve binnenring 107 107 107 107
2 Afschrijvingsreserve Pollar Bachlaan 4 4 4 4
2 Afschrijvingsreserve LED-informatiewagens 3 3 3 3
2 Afschrijvingsreserve Knopen lopen 4 4 4 4
2 Afschr.reserve verkeersmaatregelen omgeving BS Op gen Hei 9 9 9 9
2 Afschrijvingsreserve sfeerverlichting 3 centra 10 10 10 10
4 Afschrijvingsreserve investeringen binnenklimaat gebouwen 71 0 0 0
5 Afschrijvingsreserve sportkooi Brandenberg 14 14 0 0
5 Afschrijvingsreserve toplaag kunstgrasveld Strijthagen 27 27 27 27
5 Afschrijvingsreserve complex VV Schaesberg 75 75 75 0
5 Afschrijvingsreserve kunstgras Heigank 31 31 31 31
5 Afschrijvingsreserve doelgroepenbad 179 179 179 179
5 Afschrijvingsreserve accommodatie Sport & Leasure 15 15 15 15
5 Afschrijvingsreserve vervanging hekwerk Strijthagen 1 1 1 1
5 Afschrijvingsreserve speelplek Veeweg 1 1 0 0
5 Afschrijvingsreserve buurtontmoetingsplek Ter Waerden 4 4 4 0
5 Afschrijvingsreserve Kennis Informatie en Adviesplein 161 161 161 161
5 Afschrijvingsreserve schuifwand buurtcentrum Aan de Koel 3 3 3 3
5 Afschrijvingsreserve drainage sportpark Strijthagen 2 2 2 2
5 Afschrijvingsreserve waterleiding sportpark Strijthagen 1 1 1 1
5 Afschrijvingsreserve veldverlichting sportpark Strijthagen 1 1 1 1
5 Afschrijvingsreserve drainage veld 4 sportpark Strijthagen 3 3 3 3
5 Afschrijvingsreserve veldverlichting sportpark Heigank 5 5 5 5
5 Afschrijvingsreserve hekwerken hoofdveld sportpark Heigank 1 1 1 1
5 Reserve instandhouding religieus erfgoed 7 7 7 7
6 Afschrijvingsreserve accommodaties voor de 21e eeuw 38 38 38 38
6 Afschrijvingsreserve toekomstbestendige accommodaties 10 10 10 10
6 Afschrijvingsreserve accommodatie wijkcentrum Aan de Koel 115 115 115 115
6 Algemene reserve 19 19 19 19
8 Afschrijvingsreserve Kloosterstraat 1/1A 3 3 3 3
8 Afschrijvingsreserve Kloosterstraat 3 6 6 6 6
8 Afschrijvingsreserve herinricht. buitengebied wijkcentr. Aan de Koel 7 7 7 7
8 Afschrijvingsreserve Streeperstraat 42-46 3 3 3 3
8 Afschrijvingsreserve Hoogstraat 28-32 3 3 3 3
8 Afschrijvingsreserve Hoogstraat 157 4 4 4 4
8 Afschrijvingreserve Herontwikkeling Kerkplein 28-30 (opstal) 12 12 12 12
8 Afschrijvingsreserve Ruiterstraat 5 (opstal) 4 4 4 4
8 Afschrijvingsreserve vastgoed Europaweg Noord 21 21 21 21
8 Afschrijvingsreserve politievleugel 73 73 73 73
Totaal 1.214 1.143 1.128 1.049
Tabel: Structurele onttrekkingen aan reserves

Recapitulatie begrotingsevenwicht 2023

Onderstaand treft u de verplicht voorgeschreven recapitulatiestaat begrotingsevenwicht voor de begroting 2023 en de bijbehorende meerjarenschijven 2024 tot en met 2026 aan.

(x € 1.000)
Omschrijving Begroting 2023 Begroting 2024
Totaal waarvan: incidenteel waarvan: structureel Totaal waarvan: incidenteel waarvan: structureel
Baten programma 0 101.039 0 101.039 101.581 0 101.581
Baten programma 1 327 0 327 311 0 311
Baten programma 2 629 0 629 633 0 633
Baten programma 3 132 0 132 136 0 136
Baten programma 4 476 0 476 193 0 193
Baten programma 5 364 0 364 346 0 346
Baten programma 6 16.716 0 16.716 21.278 0 21.278
Baten programma 7 10.127 0 10.127 10.637 0 10.637
Baten programma 8 592 0 592 597 0 597
Totaal baten programma's 130.402 0 130.402 135.712 0 135.712
Lasten programma 0 23.405 223 23.182 23.470 58 23.412
Lasten programma 1 4.477 6 4.471 4.579 0 4.579
Lasten programma 2 4.794 0 4.794 4.949 0 4.949
Lasten programma 3 807 80 727 743 0 743
Lasten programma 4 3.482 0 3.482 2.984 0 2.984
Lasten programma 5 7.179 0 7.179 6.821 0 6.821
Lasten programma 6 72.865 1.131 71.734 73.008 760 72.248
Lasten programma 7 10.498 0 10.498 10.690 0 10.690
Lasten programma 8 3.339 304 3.035 3.135 0 3.135
Totaal lasten programma's 130.846 1.744 129.102 130.379 818 129.561
Saldo programma's vóór bestemming -444 -1.744 1.300 5.333 -818 6.151
Onttrekkingen aan reserves 7.990 6.695 1.295 2.589 1.448 1.141
Stortingen in reserves 7.546 6.700 846 7.922 6.812 1.110
Geraamd resultaat 0 -1.749 1.749 0 -6.182 6.182
Totaal structurele baten 138.392 6.695 131.697 138.301 1.448 136.853
Totaal structurele lasten 138.392 8.444 129.948 138.301 7.630 130.671
Saldo structurele baten - lasten 0 -1.749 1.749 0 -6.182 6.182
Tabel: Recapitulatiestaat structurele en reële baten en lasten 2023 en 2024
(x € 1.000)
Omschrijving Begroting 2025 Begroting 2026
Totaal waarvan: incidenteel waarvan: structureel Totaal waarvan: incidenteel waarvan: structureel
Baten programma 0 105.058 0 105.058 100.668 0 100.668
Baten programma 1 294 0 294 294 0 294
Baten programma 2 634 0 634 634 0 634
Baten programma 3 139 0 139 141 0 141
Baten programma 4 193 0 193 193 0 193
Baten programma 5 349 0 349 349 0 349
Baten programma 6 19.846 0 19.846 18.478 0 18.478
Baten programma 7 10.899 0 10.899 11.092 0 11.092
Baten programma 8 602 0 602 602 0 602
Totaal baten programma's 138.014 0 138.014 132.451 0 132.451
Lasten programma 0 24.237 53 24.184 24.882 53 24.829
Lasten programma 1 4.678 0 4.678 4.765 0 4.765
Lasten programma 2 5.052 0 5.052 5.126 0 5.126
Lasten programma 3 760 0 760 771 0 771
Lasten programma 4 2.909 0 2.909 4.683 646 4.037
Lasten programma 5 6.916 0 6.916 6.958 0 6.958
Lasten programma 6 71.449 0 71.449 72.311 0 72.311
Lasten programma 7 10.932 0 10.932 11.112 0 11.112
Lasten programma 8 3.223 0 3.223 3.279 0 3.279
Totaal lasten programma's 130.156 53 130.103 133.887 699 133.188
Saldo programma's vóór bestemming 7.858 -53 7.911 -1.436 -699 -737
Onttrekkingen aan reserves 1.176 47 1.129 2.377 1326 1.051
Stortingen in reserves 9.034 7.100 1.934 941 0 941
Geraamd resultaat 0 -7.106 7.106 0 627 -627
Totaal structurele baten 139.190 47 139.143 134.828 1326 133.502
Totaal structurele lasten 139.190 7.153 132.037 134.828 699 134.129
Saldo structurele baten - lasten 0 -7.106 7.106 0 627 -627
Tabel: Recapitulatiestaat structurele en reële baten en lasten 2025 en 2026

Financieel toezicht

Elk jaar besluiten Gedeputeerde Staten van Limburg voor aanvang van het begrotingsjaar of repressief of preventief toezicht voor onze gemeente van toepassing is. Dit is gebaseerd op artikel 2013 van de Gemeentewet. Repressief toezicht is regel en houdt in dat we de begroting en de begrotingswijzigingen direct kunnen uitvoeren (zonder voorafgaande goedkeuring).

Op 7 juli 2020 heeft het college van Gedeputeerde Staten van Limburg het financieel verdiepingsonderzoek 2020 gemeente Landgraaf vastgesteld. Het verdiepingsonderzoek is een belangrijk onderdeel van de wijze waarop het financieel toezicht bij de Provincie Limburg sinds 2005 wordt uitgevoerd. Dit onderzoek gaat verder dan het traditionele (jaarlijkse) begrotingsonderzoek. 
Er wordt als het ware een foto gemaakt van de financiële positie en financiële functie. De provincie gebruikt het verdiepingsonderzoek om de toezichtvorm voor in principe vier jaar te bepalen, en in dit geval voor de periode 2020-2023. Op basis van dit onderzoek heeft de provincie vastgesteld dat de gemeente Landgraaf aan de voorwaarden van meerjarig repressief toezicht voldoet. 

Evenwicht in de begroting

Vanwege het belang van de horizontale verantwoording en het verticale toezicht is de Gemeentewet in 2015 gewijzigd en wordt het begrip “evenwicht” nader gepreciseerd in die zin dat het een “structureel en reëel evenwicht” is. Indien de begroting 2023 niet structureel en reëel in evenwicht is, geldt als basisregel dat uiterlijk dit evenwicht –  in verband met het niet opschuivend meerjarenperspectief - in 2025 tot stand zal worden gebracht.

Structureel begrotingsevenwicht

Met het begrip “structureel” evenwicht wordt bedoeld dat in de begroting:
-    de structurele baten tenminste alle structurele lasten dekken,
-    de incidentele baten alleen incidentele lasten dekken.

De structurele baten zijn voor het begrotingsjaar 2023 en de meerjarenschijven 2024 en 2025  aanzienlijk hoger dan de structurele lasten, waardoor voor die jaren sprake is van structureel begrotingsevenwicht.  Voor de meerjarenschijf 202 zijn de structurele baten afgerond € 0,7 mln. lager dan de structurele lasten. Daarom is de meerjarenschijf 2026 structureel niet in evenwicht. 

De primitieve begroting 2023 en de daarbij behorende meerjarenschijven zijn gebaseerd op de financiële effecten van de meicirculaire 2022. Indien wij de financiële effecten van de september circulaire 2022 meenemen bij de bepaling van het structureel evenwicht, dan is ook de meerjarenschijf 2026 ruim structureel in evenwicht.

Reel begrotingsevenwicht

Het reëel begrotingsevenwicht houdt in dat de provincie onderzoek doet naar de realiteit van de ramingen in de begroting. Daarbij dienen de begroting en de meerjarenramingen alle ramingen volledig te bevatten. De beoordelingsaspecten van de provincie richten zich meer specifiek op de raming van de algemene uitkering uit het Gemeentefonds, de loon- en prijscompensatie voor 2023 en volgende jaren, de hardheid en haalbaarheid van opgenomen taakstellingen/bezuinigingsmaatregelen, verliesgevende grondexploitaties, de algemene reserve en de post onvoorziene uitgaven.  

3.3.3 Investeringen

De voorgenomen investeringen voor het jaar 2023 bedragen afgerond in totaal afgerond € 11 miljoen en zijn als volgt over de programma’s verdeeld:

(x € 1.000)
Programma 2023
0. Bestuur en ondersteuning 694
1. Veiligheid 0
2. Verkeer, vervoer en waterstaat 1.851
3. Economie 0
4. Onderwijs 0
5. Sport, cultuur en recreatie 1.235
6. Sociaal domein 158
7. Volksgezondheid en milieu 5.908
8. Volkshuisvesting, RO en stedelijke vernieuwing 1.210
Totaal investeringen programma's 11.056
Tabel: Investeringskrediet per programma

Voor een gedetailleerd overzicht van de vervangings- en uitbreidingsinvesteringen 2023 verwijzen wij naar bijlage 3. De investeringen kunnen in de volgende clusters worden verdeeld:

Rioolinvesteringen
De investeringen m.b.t. riolen zijn gebaseerd op het in oktober 2016 vastgestelde ISW. De investeringen voor riolen voor 2023 bedragen afgerond € 5,9 miljoen (gelijk aan 2022). De structurele lasten voortvloeiende uit de rioolinvesteringen worden gedekt via de tarieven voor de rioolheffing. 

Uitbreidings- en vervangingsinvesteringen (exclusief rioolinvesteringen)
Voor 2023 bedraagt de omvang van de noodzakelijke uitbreidings- en geplande vervangingsinvestering (niet zijnde rioolinvesteringen) afgerond € 4,6 miljoen. Hierin is ruim € 0,3 miljoen opgenomen voor investeringen in de bedrijfsvoering. Op grond van de nieuwe BBV-voorschriften valt bedrijfsvoering onder programma 0 (bestuur en ondersteuning).

Gedekte investeringen - duurzame meerjaren onderhouds programma’s (MOP’s) en meerjaren investerings programma’s (MIP’s))
Dit betreft investeringen waarbij de uit de investeringen voortvloeiende begrote kapitaallasten volledig zijn gecompenseerd door verlaging van geraamde lasten. Deze kapitaallasten veroorzaken daarom geen nadelig budgettair effect en drukken niet op de jaarlijks beschikbare vaste ruimte voor kapitaallasten. Dit in tegenstelling tot het hierboven beschreven cluster van de uitbreidings- en vervangingsinvesteringen.

Dekking kapitaallastruimte
Jaarlijks wordt een vaste ruimte in de begroting ‘’geoormerkt’’ ter dekking van de kapitaallasten die voortvloeien uit de uitbreidings- en vervangingsinvesteringen. Voor de periode 2023-2026 is, evenals voorgaande jaren ruimte in de meerjarenbegroting vrijgemaakt voor de structurele (kapitaal)lasten (de afschrijving) voortvloeiende uit de  uitbreidings- en vervangingsinvesteringen (excl. B.T.W.). Deze ruimte is opgebouwd uit afgerond € 150 duizend voor lasten voortvloeiende uit de noodzakelijke vervangings- en geplande uitbreidingsinvesteringen in de programma’s en afgerond € 50 duizend ten behoeve van investeringen in de bedrijfsvoering. 

3.3.4 Reserves en voorzieningen

Navolgende tabel biedt inzicht in het verloop van de reserves en voorzieningen van de balans. Gestart wordt met het jaar 2021, waarin tevens rekening is gehouden met het resultaat van de jaarrekening 2021. Vervolgens wordt het begrote verloop per 1 januari t/m het jaar 2027 weergegeven. 

(x € 1.000)
Omschrijving 2022 2023 2024 2025 2026 2027
Algemene reserve 9.574 13.006 17.068 23.216 30.763 30.534
Egalisatiereserves 3.856 6.957 3.353 3.193 4.021 3.253
Afschrijvingsreserves 21.234 20.293 19.529 18.838 18.161 17.562
Onderhoudsreserves 445 443 480 516 553 591
Overige bestemmingsreserves 11.892 9.808 9.633 9.633 9.757 9.878
Totaal reserves 47.001 50.507 50.063 55.396 63.255 61.818
Voorzieningen voor verplichtingen,
verliezen en risico's 4.994 4.888 4.775 4.667 4.564 4.491
Onderhoudsvoorzieningen 2.948 2.480 2.253 2.064 1.938 1.800
Voorzieningen met relatie heffingen 11.248 11.766 12.550 13.296 13.988 14.643
Totaal voorzieningen 19.190 19.134 19.578 20.027 20.490 20.934
Totaal reserves en voorzieningen 66.191 69.641 69.641 75.423 83.745 82.752
Totaal begrote lasten 138.392 138.301 139.190 134.828
Tabel: Meerjarige ontwikkeling reserves en voorzieningen

De totale omvang van alle reserves stijgt in de meerjarenbegroting 2023-2026 met ruim € 11 mln. De algemene reserve stijgt vanaf 1 januari 2023 tot 1 januari 2027 met ruim € 17,5 mln. Daartegenover staat een daling van zowel de egalisatiereserves als de afschrijvingsreserves met elk € 3 mln. 

De algemene reserve wordt tot en met 2025 gevoed door een jaarlijkse vaste storting ten laste van de exploitatie van € 0,75 mln. Vanaf 2026 wordt, gezien de fors toegenomen omvang van de algemene reserve, deze jaarlijkse vaste storting beëindigd.

De omvang van de totale voorzieningen stijgt in de meerjarenbegroting 2023-2026  met circa  € 2 mln.

3.3.5 Jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen

De gemeente heeft als werkgever naast verplichtingen voor het huidige personeel ook verplichtingen ten aanzien van het voormalige personeel.
Het betreft uitkeringen in relatie tot:
-    Verlofrechten;
-    Vakantierechten;
-    Wachtgeldverplichtingen voormalige wethouders;
-    Pensioenverplichtingen wethouders;
-    WW-verplichtingen;
-    WAO/WIA/WGA-verplichtingen.

De financiële gevolgen van bovenstaande rechten en verplichtingen zijn, indien van toepassing, verwerkt in de exploitatie. Voor de pensioenverplichtingen van wethouders en wachtgeldverplichtingen voormalige wethouders zijn separate voorzieningen in gebruik die jaarlijks op basis van de actuariële berekeningen wordt bijgesteld. Ook de WIA- en oude WAO-verplichtingen worden jaarlijks bijgesteld. In het kader van de WIA is de gemeente eigen risicodrager.  

3.3.6 Algemene baten en lasten

In deze paragraaf worden de baten en lasten van de navolgende taakvelden die onderdeel uitmaken van programma 0 nader uitgesplitst. 

-    Overhead (040)
-    Treasury (050)
-    OZB-woningen (061)
-    OZB niet-woningen (062)
-    Belastingen overig (064)
-    Algemene uitkering en overige uitkeringen Gemeentefonds (070)
-    Overige baten en lasten (080)
-    Vennootschapsbelasting (090)

Deze baten en lasten omvatten financieel gerelateerde zaken en hebben een algemeen karakter.

(x € 1.000)
I. Baten 2023 2024 2025 2026
A. Taakveld Overhead (040)
- Personeel 233 233 234 234
- Huisvesting personeel 248 248 248 248
- Facilitaire middelen 651 664 676 687
- Overig 4 4 4 4
B. Taakveld Treasury (050)
- Dividend 445 445 445 445
- Ontvangen rente 215 222 207 191
- Toegerekende rente 98 89 80 71
C. Taakveld OZB woningen (061)
- OZB eigenaar 5.932 6.081 6.233 6.370
D. Taakveld OZB niet woningen (062)
- OZB eigenaars 1.226 1.257 1.288 1.317
- OZB gebruikers 843 864 886 905
E. Taakveld Belastingen overig (064)
- Hondenbelasting 418 428 439 448
- Precariobelasting 30 31 32 33
F Taakveld Algemene uitkering en ov. Uitk. Gemeentefonds (070)
- Algemene uitkering gemeentefonds 90.342 90.655 93.922 89.348
Totaal algemene baten 100.685 101.221 104.694 100.301
Tabel Algemene baten 2023-2026
(x € 1.000)
II. Lasten 2023 2024 2025 2026
A. Taakveld Overhead (040)
- Personeel 5.436 5.622 5.810 5.947
- Huisvesting personeel 974 972 983 959
- Facilitaire middelen 5.133 5.207 5.354 5.482
- Bedrijfsvoering 3.933 3.859 3.947 4.016
- Tractie 640 656 660 688
- Overig 108 108 108 108
B. Taakveld Treasury (050)
- Korte-termijn financiering 15 15 15 15
- Lange-termijn financiering 778 744 713 680
C. Taakveld OZB woningen (061)
- Bijdrage aan BSGW 157 147 150 153
- Bijdrage aan Waarderingskamer 8 8 8 8
D. Taakveld OZB niet woningen (062)
- Bijdrage aan BSGW 109 102 104 106
E. Taakveld Belastingen overig (064)
- Bijdrage aan BSGW 11 9 10 10
F. Taakveld Overige baten en lasten (080)
- Stelpost onvoorziene uitgaven (incidentele lasten) 117 117 117 117
- Stelpost ruimte B (onvoorziene structurele lasten) 32 67 91 121
- Structurele ruimte A (stelpost kapitaallasten investeringsplannen) 181 362
- Stelpost personele kosten (promotiebeleid en knelpunten) 245 281 293 300
- Jaarlijkse structurele taakstelling van 2 fte's -161 -253 -352 -452
- Taakstelling urentoerekening aan projecten -250 -250 -250 -250
- Stelpost duurzame aanbesteding gas en Electra 33 31 31 31
- Stelpost toename afschrijvingen door activeren uren naar projecten 4 15 26 37
- Voormalige wethouders 39 39 39 44
- Lasten algemene uitkering 1.729 1.603 1.731 1.846
- ICT plan 16 16 16 16
G. Taakveld Vennootschapsbelasting (090)
- Vennootschapsbelasting 10 10 10 10
Totaal algemene lasten 19.116 19.125 19.795 20.354
Tabel Algemene lasten 2023-2026

3.3.7 EMU-saldo

Met het oog op een betere raming en beheersing van het EMU-saldo wordt in het nieuwe BBV een geprognosticeerde balans voorgeschreven en het meerjarig opnemen van het EMU-saldo in een begrotingsparagraaf. Met het opnemen van een geprognosticeerde balans krijgt de raad meer inzicht in de ontwikkeling van onder meer investeringen, het aanwenden van reserves en voorzieningen en in de financieringsbehoefte.

Omdat gemeenten (nog) niet afgerekend worden bij overschrijding van de referentiewaarde worden vanaf 2016 geen individuele referentiewaarden voor het EMU-tekort per gemeente berekend. Wel is het mogelijk ons EMU-saldo aan de hand van de begroting te berekenen. Voorheen gebeurde dat door middel van de zgn. EMU-enquête. Vanaf het begrotingsjaar 2017 schrijft het nieuwe BBV voor dat de gemeente een geprognosticeerde balans moet opstellen en hieruit het EMU-saldo moeten afleiden.

In de paragraaf Financiering (hoofdstuk 2, paragraaf 2.2.3) treft u een overzicht aan van de geprognosticeerde balans en een berekening van het EMU-saldo aan. Uit de berekening zoals opgenomen in de paragraaf financiering - geprognosticeerde balans blijkt dat we voor de jaren 2023 tot en met 2026 een EMU-tekort verwachten.

3.3.8 Beoordeling financiële positie

Naast een beoordeling van het exploitatiesaldo maakt ook een aantal verplicht voorgeschreven financiële kengetallen en de weerstandsratio onderdeel uit van de beoordeling van de financiële positie. Deze kengetallen en de weerstandratio’s zijn uitgewerkt in de paragraaf weerstandvermogen en risicomanagement. Onderstaande analyse is dan ook identiek aan de analyse in die paragraaf. 
Op basis van de weerstandsratio en het structureel exploitatiesaldo is de financiële positie van de gemeente Landgraaf ten opzichte van de begroting 2022 verbeterd en als solide te typeren. 
De weerstandscapaciteit (omvang algemene reserve) is aanzienlijk gestegen vergeleken met de begroting 2022 en neemt in meerjarenperspectief fors toe. De weerstandsbehoefte (inschatting van de risico’s) is aanzienlijk gestegen ten opzichte van de begroting 2022 en blijft meerjarig nagenoeg gelijk. De weerstandsratio is m.i.v. 2025 zelfs boven de signaleringsnorm.   
In tegenstelling tot de begroting 2022 is in de eerste 3 jaarschijven (2023-2025) van de begroting 2023  wel sprake van structureel begrotingsevenwicht, waarbij voor de jaren 2024 en 2025 de structurele baten ruim hoger zijn dan de structurele lasten. Dit laatste uitgaande van de geldende afspraak dat de algemene uitkering beschouwd mag worden als structurele baat ook indien de omvang van deze uitkering in het laatste jaar opvallend lager is.

Voor de meerjarenschijf 2026 is geen sprake van structureel evenwicht. Echter als wij nu al rekening zouden houden met de financiële effecten van de september circulaire 2022 dan is ook voor de meerjarenschijf 2026 sprake van structureel begrotingsevenwicht. Het relatief kleine tekort van € 0,7 mln. slaat om in een ruim overschot (structurele baten > structurele lasten).

Uit de kengetallen die direct of indirect een relatie hebben met onze vermogens- en schuldpositie valt te concluderen dat onze schuldpositie weliswaar nog steeds valt binnen de Categorie A maar wel langzaam minder sterk wordt. Dit is mede het gevolg van het aantrekken van een omvangrijke geldlening voor de nieuwbouw van het Eijkhagencollege.